Inzage in de mate van implementatie van Gepast Gebruik

Op de implementatieagenda is alle beschikbare kennis over gepast gebruik gebundeld. Daarop staat ook aangegeven voor welke onderwerpen er op dit moment spiegelinformatie beschikbaar is. Via het filter ‘Spiegelinformatie’ kunt u hierop selecteren. U ziet dan welke partij(en) deze spiegelinformatie aanbieden. ZE&GG wil hiermee transparant maken waar spiegels voor implementatieagenda onderwerpen op dit moment beschikbaar zijn.

De spiegelinformatie is niet door ZE&GG gecontroleerd of beoordeeld. Wilt u gebruik maken van deze spiegelinformatie? Neem dan contact op met de betreffende aanbieder. Mocht u zelf aanbieder van relevante spiegelinformatie zijn waarvan u zorgaanbieders via de website van ZE&GG op de hoogte wilt stellen, neem dan contact op met ZE&GG. Hieronder vindt u informatie over hoe ZE&GG het ontwikkelen van spiegelinformatie verder vormgeeft.

Spiegelinformatie stimuleert kwaliteitsverbetering
Het leveren van zorg waarvan we weten dat deze meerwaarde heeft en het niet leveren van zorg die geen meerwaarde heeft, noemen we gepast gebruik. Het implementeren van kennis over gepast gebruik maakt de zorg continu kwalitatief beter en zorgt ervoor dat de collectieve zorguitgaven en de beperkt beschikbare arbeidskrachten in de zorg zo optimaal mogelijk worden ingezet. Spiegelinformatie geeft inzicht in de mate van implementatie van kennis over gepast gebruik op basis van bestaande dataregistraties. Zo kunnen zorgaanbieders zien hoe zij presteren: ten opzichte van zichzelf in de tijd, en waar mogelijk ten opzichte van andere zorgaanbieders. Met deze informatie zijn zorgaanbieders beter in staat om, waar nodig, acties te ondernemen om het toepassen van gepast gebruik te bevorderen.

ZE&GG als katalysator: verbreden, verbinden en versnellen.
ZE&GG wil spiegelinformatie beschikbaar stellen. Zowel op landelijk- als op zorgaanbiedersniveau. We maken daarbij gebruik van bestaande dataregistraties. Zo voorkomen we dat de reeds hoge registratiedruk bij zorgverleners verder vergroot wordt. Uitgangspunt is om voor zo veel mogelijk onderwerpen die op de implementatieagenda staan, spiegels te ontsluiten of te ontwikkelen. Dat doen we door samen te werken met alle datapartijen in het veld. Die partijen zijn al actief op dit onderwerp, zijn bekend met het werkveld en hebben de expertise in huis om dergelijke data-analyses uit te voeren.

Aanpak verdere ontwikkeling spiegels
Er zijn momenteel een groeiend aantal spiegels over dezelfde onderwerpen van de ZE&GG implementatieagenda in omloop, die ontwikkeld zijn door verschillende partijen (datapartijen, zorgverzekeraars, zorgaanbieders, het Zorginstituut, kwaliteitsregistraties). ZE&GG wil deze spiegels verbinden, verbreden en versnellen. Hieronder de vier niveaus waarop ZE&GG de verdere ontwikkeling van spiegels ter hand wil nemen.

1. Overzicht beschikbare spiegelinformatie: waar en voor welke onderwerpen
Per onderwerp op de implementatieagenda inventariseert ZE&GG of er spiegelinformatie beschikbaar is en door wie die ontwikkeld is. Belangrijk punt hierbij is dat deze spiegels vanuit diverse oogpunten en met uiteenlopende methodieken zijn ontwikkeld. Daarom kunnen spiegels voor dezelfde onderwerpen van verschillende datapartijen toch een verschillend beeld geven. De aanbieder van de spiegelinformatie kan toelichting geven op de context waarin de spiegel is ontwikkeld en in welke mate hij aansluit op het implementatieagenda onderwerp. Niettemin krijgen op deze wijze de betreffende zorgverleners en zorgaanbieders wel een beeld van waar ze staan met een bepaald implementatievraagstuk en helpt de informatie het gesprek hierover op gang en kunnen, indien nodig, stappen genomen worden om gepast gebruik toe te passen.

2. Ontwikkelen eenduidige datadefinitie
Momenteel worden er verschillende datadefinities gehanteerd door verschillende datapartijen. En dat kan discussie opleveren bij het gebruik van spiegelinformatie. ZE&GG wil tot een uniforme datadefinitie komen voor alle onderwerpen waarvoor spiegelinformatie beschikbaar is of komt. Dit doen we in gezamenlijkheid met (data)partijen die de spiegels ontwikkelen. Ook betrekken we zowel medische- als data experts vanuit de HLA-partijen hierbij. ZE&GG gaat daarom nu aan de slag om per onderwerp op de implementatieagenda uniforme datadefinities vast te stellen.

3. Ontwikkelen van streefnorm en streeftijd
Hoe weten zorgaanbieders dat de implementatie (voldoende) geslaagd is? En hoeveel tijd moet er ingeruimd worden voor de implementatie? Deze informatie ontbreekt nog vaak. ZE&GG wil dat dit per spiegel inzichtelijk wordt, zodat iedereen ook weet waar naar gestreefd moet worden. ZE&GG gaat nu daarom samen met vertegenwoordigers van de HLA-partijen streefnormen en streeftijden vaststellen. Met een streefnorm wordt bedoeld welke mate van implementatie o.b.v. de spiegelinformatie noodzakelijk is om vast te stellen dat implementatie voldoende heeft plaatsgevonden. De streefnorm zal zelden op 100 of 0 procent liggen. Gepast gebruik ligt vaak genuanceerd en is geen zwart-wit verhaal (specifieke patiëntengroep, specifiek moment in behandeltraject). Met een streeftijd wordt bedoeld hoe lang partijen verwachten dat implementatie nodig heeft.

4. Landelijke implementatiemonitor
Tot slot dient er een landelijke implementatiemonitor te komen. Met de landelijke implementatiemonitor houden we op landelijk niveau zicht op de totale mate van implementatie van onderwerpen die op de implementatieagenda gepast gebruik staan. De uniforme datadefinitie en de streefnorm en streeftijd vormen hiervoor de basis. Eind 2021 zou de landelijke implementatiemonitor operationeel moeten zijn.

Wilt u op de hoogte gehouden worden?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief. Vul uw e-mailadres in en u ontvangt automatisch updates.

Volg Zorgevaluatie en Gepast Gebruik via